Wat zijn aminozuren?

Aminozuren in voeding vormen eiwitten. Wanneer  eiwitten worden verteerd worden ze opnieuw afgebroken tot specifieke aminozuren, die dan selectief worden samengebracht voor verschillende aanwendingen.  Deze nieuwe eiwitten die in het lichaam worden gevormd is waar heel het lichaam uit bestaat: huid, ogen, hart, darmen, botten en spieren.

Er zijn ongeveer 20 tot 22 standaard aminozuren. Van deze 20-22 worden er 8-10 als essentieel beschouwd wat betekent dat je ze via de voeding moet binnenkrijgen, omdat ons lichaam ze niet zelf uit andere stoffen kan aanmaken.

 

Hieronder zullen we de 8 essentiële aminozuren bespreken.

 

Histidine

– de groei en het herstel van weefsel
– het onderhoud van de myelineschede die als beschermer van zenuwcellen functioneert
– de productie van rode en witte bloedcellen
– helpt om het lichaam te beschermen tegen schade door straling
– het verwijderen van zware metalen uit het lichaam
– nuttig in het produceren van maagsappen
– een voorloper van histamine

Lysine

– voor de groei en botontwikkeling bij kinderen.
– helpt bij calciumabsorptie
– handhaven van de juiste stikstofbalans in het lichaam
– productie van antilichamen, hormonen, enzymen, collageen
– herstel van weefsel
– helpt ook om nieuw spiereiwit op te bouwen

 

Phenylalanine

– Het verbetert de stemming door het zenuwstelsel te stimuleren
– kan in het lichaam worden omgezet in tyrosine
– verhoogt de bloedspiegels van norepinefrine, epinefrine en dopamine
– helpt bij de opname van UV stralen in zonlicht, wat vit D verhoogt

Methionine

– helpt bij de afbraak en aanwending van vetten
– verwijdert overtollig vet uit de bloedstroom
– helpt bij de vertering en verwijdering van zware metalen uit de maag en lever
– het kan worden omgezet in cysteine, een voorloper van glutathione
– een goede antioxidant aangezien het vrije radicalen inactiveert.

 

BCAAs

BCAAs  (Leucine, Valine en Iso-Leucine) zijn de drie belangrijkste aminozuren in de opbouw, het onderhoud en herstel van spierweefsel.  Een 2-1-2 verhouding van Leucine/Iso-leucine/Valine zou de beste resultaten geven.
Leucine

– verantwoordelijk van het regelen van het bloedsuikerpeil
– groei en herstel van weefsel in de huid, botten en skeletspieren
– helpt bij het genezen van wonden
– helpt bij het voorkomen van spierafbraak
Isoleucine

– betrokken bij de opbouw en groei van spierweefsel
– Helpt bij de vorming van hemoglobine
– betrokken in bloed stolselvorming.
Valine

– Helpt bij herstel en groei van spierweefsel
– is nodig voor handhaven van de stikstofbalans in het lichaam.
– kan  worden gebruikt als energiebron in de spieren terwijl het glucose weet te behouden.

Threonine

– is nodig voor de opbouw van collageen, elastine.
– Essentieel voor de instandhouding van een goede eiwitbalans
– is ook betrokken bij het goed functioneren van de lever
– helpt bij de opbouw van een sterk immuunsysteem.
– Helpt om andere voedingsstoffen beter op te nemen